Categorie: concepts Bijgewerkt: 2026-04-05 uct configuratie workflow screens packages autorisatie

Ultimo Customisation Tool (UCT) - Overzicht

De Ultimo Customisation Tool (UCT) is het centrale configuratieportaal voor Ultimo-consultants en applicatiebeheerders. Via de UCT wordt de volledige applicatieconfiguratie beheerd: van schermdefinities en menustructuren tot workflows, autorisatie en databaseobjecten. De UCT is de "achterkant" van Ultimo -- waar de eindgebruiker het frontendscherm ziet, configureert de consultant het gedrag in de UCT.


Het UCT Dashboard is de startpagina met: - Linkerzijbalk: volledige navigatiestructuur naar alle onderdelen - Tegels: snelkoppelingen naar veelgebruikte onderdelen (Configuration Log, Workflows, Screens, etc.) - Configuration Log: overzicht van recente configuratiewijzigingen met datum, omschrijving en gebruiker

Let op: de melding "Configuration: used X of 1000000 points" toont het verbruik van configuratiepunten. Dit is relevant voor de licentie.


Hoofdonderdelenbewerken

De UCT is opgebouwd uit de volgende hoofdmenu's:

1. Package Managerbewerken

Het versiebeheer- en distributiemechanisme voor UCT-aanpassingen. Pakketten bevatten database-wijzigingen, configuraties, workflows en custom code. Ze worden gebruikt om wijzigingen te transporteren tussen omgevingen in een OTAP-straat (Ontwikkeling, Test, Acceptatie, Productie).

Belangrijke velden: - Name, Title, Description - Ultimo Revision Base (revisienummer van de basis) - Merged (correct samengevoegd?) - Custom code indicator

Consultanttip: Gebruik altijd beschrijvende namen. Let op de Revision Base bij importeren: afwijkende revisies kunnen conflicten veroorzaken.

2. User Interfacebewerken

Alle configuratie voor de visuele presentatie en navigatie:

Onderdeel Functie
Screens Schermdefinities: layout, actieregels, validatie
Menu Designer Volledige menustructuur ontwerpen (1811+ items)
Explorers Lijstweergaven/grid-views met filters en data-opties
Explorer Links Navigatieverbindingen tussen schermen
Icons SVG-iconen beheren (custom overschrijft standaard)
Kanban Templates Kanban-borden configureren per entiteit
Job Scheduler Templates Planningsweergave configureren (Gantt)
Messages Systeem- en gebruikersberichten
Text Templates Sjablonen voor e-mails en meldingen
Grid Widgets Aangepaste gridweergaven in schermen
Translations Vertalingen en lokalisatie (1000+ items)
Go(+) Configuratie Ultimo Go mobiele app

3. Authorisationbewerken

Gebruikers- en rechtenbeheer. Zie autorisatie voor uitgebreide documentatie.

Onderdeel Functie
Users Gebruikersaccounts (User Id, groep, afdeling, type)
Groups Autorisatiegroepen met schermtoegang en regels
Record Authorisation Master Tables Stamtabellen voor recordautorisatie (Site, Department, etc.)
Record Authorisation Recordtoegang per gebruiker
Record Authorisation Groups Groepen voor vereenvoudigd recordtoegangsbeheer
Credentials OAuth2-credentials voor externe integraties

4. Databasebewerken

Databasestructuur en -configuratie:

Onderdeel Functie
Database Objects Overzicht van alle tabellen en kolommen
Column Labels Weergavenamen per veld per configuratie
Selection Lists Kolominrichting van keuzelijsten/dropdowns
Summary Triggers Automatische aggregatieberekeningen
Contexts & Statuses Entiteitscontexten en levenscyclusstatussen
Master Data Setup Initiële stamdata-configuratie
Data Collections Herbruikbare datasets/query-definities (DCS)
SQL Query Directe SQL-query-tool (gebruik prefix dba.)

5. Business Rulesbewerken

Bedrijfslogica en procesregels:

Onderdeel Functie
Screen Rules Veldgedrag op schermen (standaardwaarden, berekeningen, validaties)
Workflows Bedrijfslogica in XML (8898+ workflows)
Workflow Debugger Stap-voor-stap debuggen met breakpoints en watch
Workflow Scheduler Automatisch terugkerende workflow-uitvoeringen (cron)
Scenarios Entiteitsgebonden acties (pre-condities, post-acties, validaties)

Consultanttip: Scenarios volgen de naamgevingsconventie Entity_Action#ScenarioNaam. Gebruik dit patroon bij nieuwe scenarios. Met 8866+ scenarios is goed filteren essentieel.

6. Settingsbewerken

Applicatie-instellingen:

Onderdeel Functie
Autokeys Automatische nummering/ID-generatie per entiteit
Companies Multi-company configuratie
Time Zones Tijdzone-instellingen (standaard Europe/Amsterdam)
Application Settings 20+ tabbladen met applicatiebrede configuratie
Process Settings Procesinstellingen per entiteit (zeer uitgebreid voor Job)
Application Variables Dynamische variabelen (boekjaar, logo, etc.)
Feature Toggles Functionaliteit in-/uitschakelen
E-mail Server Accounts E-mailserverconfiguratie
Printers Printerconfiguratie

7. Business Integrationbewerken

Koppelingen met externe systemen:

Onderdeel Functie
Import Connectors Data importeren vanuit externe bronnen
Export Connectors Data exporteren naar externe systemen
LDAP Import Connectors Gebruikerssynchronisatie via LDAP
OCI Import Connectors Open Catalog Interface
API Keys REST API-sleutels voor externe toegang
SCIM Import Connectors Gebruikersprovisioning via SCIM

8. Systembewerken

Systeembeheer:

Onderdeel Functie
Application Validator Validatie van de applicatieconfiguratie
File Service Data Explorer Bestandsbeheer van configuratiebestanden

9. Loggingbewerken

Monitoring en analyse:

Onderdeel Functie
Configuration Log Logboek van configuratiewijzigingen
Debug Log Debug-informatie
Event Log Systeemgebeurtenissen
Configuration Usage Gebruik van configuratiepunten
Licence Monitor Licentiegebruik (Full/Light/Technician/Self-Service)
System Information Systeeminformatie

Application Settings - Belangrijkste tabbladenbewerken

De Application Settings is een van de meest uitgebreide pagina's met 20+ tabbladen:

Tabblad Kerninhoud
General Tijdregistratie, planinstellingen, synchronisatie jobplanner
General II Procesfuncties, e-mail, SLA, kalender
Purchase and stock management Artikelhistorie, prijsberekening
Purchase and stock management II Bestelgedrag, voorraadcontrole
Cost registration Afdeling/kostenplaatsmethode, BTW, budgetperiode
Periodical Maintenance Generatie-instellingen, e-mailmeldingen
Compile name Naamsamenstelling medewerkers

Consultanttip: Maak altijd een screenshot van de huidige instellingen voordat je wijzigingen aanbrengt. Test in acceptatie voordat je naar productie gaat.


Workflow Scheduler - Veelgebruikte cron-expressiesbewerken

Expressie Betekenis
0 02 * * * Dagelijks om 02:00
0 */2 * * * Elke 2 uur
0 01 * * 1 Wekelijks op maandag om 01:00

Consultanttip: Controleer regelmatig de Message-kolom op foutmeldingen. Deactiveer workflows via het Active-vinkje in plaats van ze te verwijderen.


Gedetailleerde beschrijving per UCT-onderdeelbewerken

Application Element Tree (AET) — Hoe je het gebruiktbewerken

De AET open je via het hoofdmenu Application Element Tree. Het scherm heeft twee delen: links de boomstructuur, rechts het detailpaneel.

Navigatie en zoeken: - Gebruik het filterveld bovenaan de boom om te schakelen tussen autorisatieniveaus: typ een gebruikersnaam, groepsnaam, of selecteer "Application". - Klik op Find (Ctrl+Alt+F) om elementen te zoeken op titel of technische naam. Gevonden elementen krijgen een groene rand links van het icoon. - Navigeer met Next/Previous search result (Ctrl+Alt+pijltjes) door de zoekresultaten.

Elementtypen herkennen aan iconen: | Icoon | Type | |-------|------| | S | Structure (mappenstructuur) | | Sc | Screen | | E | Explorer | | M | Module page | | U | URL | | W | Workflow | | D | Dashboard | | Sp | Service page | | Gw | Grid widget | | L | List | | Ch | Chart | | K | Kanban |

Autorisatie instellen: Stel het veld Authorisation in het detailpaneel in op Authorised, Unauthorised of Inherited. Autorisatie werkt in twee dimensies: (1) hiërarchisch binnen de boom en (2) van Application → Group → User niveau.

Effectieve autorisatie berekening: Een gebruiker is geautoriseerd voor een element als: 1. Het element op user level op Authorised staat, OF 2. Het element op group level op Authorised staat en op user level op Inherited, OF 3. Het element op application level op Authorised staat en op group+user level op Inherited, OF 4. De factory default het element autoriseert en alle niveaus op Inherited staan.

Tip: Gebruik de knop Download authorisation matrix om een Excel-export te maken van alle autorisaties. Ideaal voor auditing en documentatie.

Zie application-element-tree voor de volledige AET-referentie.


Screen Designer — Hoe je schermen configureertbewerken

Open de Screen Designer via User Interface > Screens, dubbelklik op een scherm of selecteer het en klik Edit screen.

De 6 componenten van de Screen Designer:

  1. Control Selector — Typ een control-ID of label om snel een element te vinden op het canvas
  2. Toolbar — Knoppen voor Publish (Ctrl+S), Validate, Undo/Redo, Labels, Buttons, Multipage, GroupBox, Container, Delete, Preview
  3. Screen Design Canvas — Visuele representatie van het scherm; sleep velden hiernaartoe
  4. Layout Panel — Boomstructuur van alle controls; handig voor de hiërarchie
  5. Properties Panel — Eigenschappen van het geselecteerde element (Settings, Conditional Formatting, Action, View, Database Info)
  6. Relations Panel — Database-relaties; sleep velden van hier naar het canvas om ze toe te voegen

Velden toevoegen aan een scherm: 1. Selecteer de juiste relatie in het Relations Panel 2. Sleep een databaseveld naar het canvas of de layout tree 3. Stel properties in: Control type (Edit, Selection, ComboBox, CheckBox, DateTime, etc.), Label, Visible, Mandatory, Protected

Belangrijk — Publiceren: Klik op Publish (Ctrl+S) om het scherm beschikbaar te maken voor gebruikers. Dit: - Maakt het ontwerp beschikbaar voor eindgebruikers - Creëert een custom screen file in FileServiceData/Screens/Application - Voegt het bestand toe aan het actieve opnamepakket

Valkuil: De Preview-knop opent het echte scherm in Ultimo — wijzigingen die je daar maakt worden opgeslagen in de database!

Zie screens voor de volledige schermconfiguratie-referentie.


Package Manager — Hoe je pakketten beheertbewerken

Pakket opnemen (recording): 1. Open Package Manager, selecteer of maak een pakket 2. Klik Start recording — het rode icoon verschijnt rechtsboven 3. Voer configuratiewijzigingen uit in de UCT; deze worden automatisch opgenomen 4. Klik Stop recording wanneer klaar

Acties die worden opgenomen: - Wijzigingen aan gebruikers, groepen en AET - Menuwijzigingen, schermregistraties, explorer-wijzigingen - Explorer links, text templates, workflow schedules - Screen files (bij Publish) en workflow files (bij Publish)

Pakket transporteren: 1. Download het .up-bestand uit de bronomgeving 2. Upload het .up-bestand in de doelomgeving 3. Validate het pakket (controleert conflicten) 4. Apply het pakket (voert alle acties uit)

Terugdraaien: Klik Revert om een toegepast pakket ongedaan te maken. Let op: wanneer het pakket applicationelement.appel en applicationstructure.appstru bevat, wordt de AET naar de factory default teruggezet.

Zie package-manager voor stap-voor-stap instructies.


Open via User Interface > Menu Designer. Het scherm toont links de menustructuur, rechts de details.

Menustructuur per autorisatieniveau: Gebruik het filterveld om te wisselen tussen Application, Group of User menu. Menu's worden opgeslagen als .menu XML-bestanden in FileServiceData/Menus.

Menu-items toevoegen: 1. Klik Edit, selecteer de positie in de boom 2. Klik New en kies het type: Sub-menu, Screen, Explorer, Workflow, Module page, Self-service page, URL 3. Selecteer het application element of maak een nieuw submenu 4. Klik Save

Zichtbaarheid beheren: Gebruik de checkbox Visible om menu-items te tonen of verbergen. Een onzichtbaar item krijgt het oog-icoon. De optie Promote slaat een submenu over als het het enige submenu is.

Zie menu-designer voor de volledige referentie.


Database Objects — Hoe je de database beheertbewerken

Open via Database > Database Objects. Links een objectboom, rechts de properties.

Tabel toevoegen: 1. Klik Edit, dan New table 2. Vul in: Table name (begint met _), Prefix (begint met _), Entity name, Delete mode 3. Klik Add, daarna Revise database om de wijzigingen door te voeren

Kolom toevoegen: 1. Selecteer de tabel, klik New column 2. Kies Database type (SmallInt, Int, Decimal, VariableCharacter, DateTime, etc.) 3. Stel Width, Default value, Validation en Format in 4. Revise database om de wijziging door te voeren

Belangrijk: Na elke database-wijziging moet je Revise database uitvoeren EN daarna System > Rebuild mappings om de wijzigingen in workflows beschikbaar te maken.

Zie database-objects voor de volledige referentie.


Autokeys — Automatische nummeringbewerken

Open via Settings > Autokeys. Stel per tabel/kolom-combinatie de startwaarde en het nummeringspatroon in.

Hoe de nummering werkt: - De Value is de laatst toegekende waarde (of startwaarde) - Bij een nieuw record wordt de meest rechtse positie met 1 verhoogd - Cijfers: 0-9 (overflow naar volgende positie). Letters: A-Z (overflow naar volgende positie) - Speciale tekens (#, @, !) worden overgeslagen

Huidige waarde Volgende waarde Maximum
000009 000010 999999
A9 B0 Z9
AAA#Z AAB#A ZZZ#Z

Zie autokeys voor de volledige referentie.


Screen Rules — Veldgedrag op schermenbewerken

Open via Business Rules > Screen Rules. Er zijn twee typen:

Calculation rules: Bereken een veldwaarde op basis van andere velden met operatoren (+, -, *, /).

Copy rules: Kopieer automatisch een waarde van een gerelateerd veld. Drie acties: - Overwrite target — Overschrijf de doelwaarde - Overwrite target and set target as protected — Overschrijf en bescherm het veld - Copy source to target when target is empty — Kopieer alleen als het veld leeg is

Screen rules zijn automatisch van toepassing op alle relevante schermen op basis van de combinatie van entity, property en context.

Zie screen-rules voor voorbeelden en configuratie-instructies.


Explorers — Lijstweergaven configurerenbewerken

Open via User Interface > Explorers. Explorers tonen hiërarchische relaties in een boomstructuur.

Explorer-structuur definiëren: - Elk knooppunt (node) heeft een Root table, Foreign key, View fields en optioneel SQL Where/Order by clausules - Nodes kunnen Secondary tables hebben voor aanvullende weergavegegevens - Routing maakt het mogelijk om nodes te groeperen op basis van een secundaire tabel

Zoekfunctie op explorers: - No search — Geen zoekfunctie - Basic search — Zoek op beschrijving in specifieke velden - Full Text search — Zoek in alle velden van een tabel via search domains

Zie explorers voor de volledige referentie.


Workflows — Bedrijfslogicabewerken

Open via Business Rules > Workflows en gebruik de Workflow Designer (opent in nieuw tabblad).

Toolbox-categorieën: - Common — Waarden toekennen, validaties - Database — Databaseacties (lezen, schrijven, verwijderen) - Debug — Debug-acties (altijd buiten transaction blocks) - Filter — Resultaten filteren - Flow — Andere workflows uitvoeren - Notification — E-mailberichten versturen - Report — Rapporten genereren (buiten transaction blocks) - User input — Gebruikersinteractie (buiten transaction blocks)

Security levels: Workflows hebben drie beveiligingsniveaus: Edit, View en UserContent. UserContent-secties kun je bewerken zonder de hele workflow aan te passen; deze wijzigingen worden in een apart bestand opgeslagen (het "layering model" met _Pre en _Post bestanden).


Gerelateerde onderwerpenbewerken