Categorie: concepts Bijgewerkt: 2026-04-05 implementatie data-import DCS master-data asset-tree OTAP

Ultimo Implementatie

Dit artikel beschrijft de belangrijkste aspecten van een Ultimo-implementatie: data-importmethoden, master data setup, opbouwen van de asset tree en het inrichten van de autorisatie. Een succesvolle implementatie vereist een doordachte aanpak waarbij de juiste methoden worden gekozen voor het importeren van gegevens en het activeren van Ultimo-logica.


Data Import Methodenbewerken

Er zijn vier methoden beschikbaar om data in Ultimo te krijgen:

1. Handmatigbewerken

Voor kleine aantallen records (minder dan 100) is handmatige invoer de eenvoudigste optie. Voorbeelden: 20 jobsoorten, 10 afdelingen.

Let op: Handmatig aangemaakte data kan niet eenvoudig naar een andere omgeving worden overgezet.

2. Data Collection Sheets (DCS)bewerken

DCS is de aanbevolen methode voor grotere hoeveelheden eenvoudige records. Het werkt via Excel-bestanden.

Het DCS-proces: 1. Consultant maakt of past de XML-definitie aan 2. Export op basis van de definitie (door consultant of applicatiebeheerder) 3. Klant vult het Excel-bestand met data 4. Validatie in de omgeving (maintenance mode vereist) 5. Bij fouten: sheet terug naar klant, iteratief corrigeren 6. Import van het gevalideerde bestand (maintenance mode vereist)

Importacties per entiteit: Insert, InsertOrUpdate, InsertOrSkip, Update, UpdateOrSkip, Delete, DeleteOrSkip, Trash, TrashOrSkip

Securityniveau: DCS is beschikbaar in de UCT onder Database > Data Collections met security level 26 of lager. Consultants en gecertificeerde applicatiebeheerders (level 18) kunnen definities aanmaken of wijzigen.

Consultanttip: Bestaande recordcodes worden overschreven bij import als er matchende waarden zijn. Let ook op dat Excel automatisch voorloopnullen verwijdert bij numerieke cellen.

3. Data Import Tool (UDIT)bewerken

UDIT wordt gebruikt bij een datamigratie vanuit een bestaand systeem. Er wordt een directe verbinding gemaakt tussen de brondatabase en Ultimo. De consultant maakt een mapping van bron- naar doelvelden.

Voordelen: - Data is continu beschikbaar - Dynamisch: klant hoeft data niet eerst te bewerken - Direct van database naar database

4. Direct via database (SQL)bewerken

SQL-import wordt gebruikt als alternatief voor DCS, met name bij: - Dataconversies (bijv. equipment omzetten naar procesfuncties) - Een Excel-document met data voor meerdere gekoppelde tabellen

Maak altijd een backup van de database voordat je data importeert via SQL.


Wat wel en niet importerenbewerken

Wel importerenbewerken

Entiteit Methode
Vestigingen (Sites) DCS of handmatig
Afdelingen DCS of handmatig
Installaties (Equipment) DCS
Procesfuncties DCS
Artikelen DCS
PO-modellen DCS (maar goedkeuren via Ultimo-logica)
PO-jobs DCS (maar goedkeuren via Ultimo-logica)
Jobsoorten, uurcodes, etc. Handmatig of DCS

Niet importeren -- gebruik Ultimo-logicabewerken

Wat Waarom niet Hoe dan wel
Artikelvoorraad Wordt door meerdere entiteiten bepaald Maak voorraadcorrectie, klik handmatig "Goedkeuren"
Artikelprijzen Idem Maak prijsaanpassing, klik handmatig "Goedkeuren"
Inbouwen equipment in procesfunctie Trigger bijbehorende workflows Import beide tabellen apart, klik handmatig "Installatie inbouwen"
PO-model goedkeuring Workflows moeten draaien Import PO-model, klik handmatig "Goedkeuren PM model"
HSE-suite data Alles is verweven Handmatig inrichten
Plannerdata Grafische planners vergen specifieke logica Niet importeren
Onderhoudstaken (Operations) Moeten worden ingepland Niet importeren

Gouden regel: Als een handeling in Ultimo een knop of workflow triggert, importeer dan de onderliggende data maar voer de actie handmatig uit.


Master Data Setup (MDS)bewerken

MDS is bedoeld om snel basisstamdata in een nieuwe omgeving te laden. Het is verplicht in alle Ultimo-producten.

Aanbevolen stamdatabewerken

Algemeen:

Entiteit Voorbeelden
Site Hoofdkantoor, Vestiging 1, Vestiging 2
Department Productie, Kantoor, Logistiek, Technische Dienst

Werkorderbeheer:

Entiteit Voorbeelden
Workorder type Storing, Reparatie, Periodiek Onderhoud, Inspectie
Fail type Menselijke fout, Pneumatisch, Mechanisch, Elektrotechnisch
Hour code Storing, Reparatie, PO, Inspectie
Hour categories Standaarduren, Normale uren, Overwerk weekend

Personeel:

Entiteit Voorbeelden
Teams Monteurs, Inspecteurs, Operators
Specialists Werktuigbouwkundige, Elektrotechnicus, Inspecteur

Consultanttip: Leg de MDS vast in een package. Zo kun je dezelfde stamdata eenvoudig naar andere omgevingen (Test, Productie) transporteren.


Asset Tree opbouwenbewerken

Zie assets voor uitgebreide documentatie. De kernpunten voor implementatie:

Bepaal het detailniveaubewerken

Bespreek met de klant: - Welke soorten assets zijn er? Hoe verhouden ze zich? - Op welk assetniveau moeten jobs worden gemeld? - Op welk niveau wil je inzicht in kosten? - Moet installatie- en uitbouwhistorie worden bijgehouden? - Welk type periodiek-onderhoud wordt toegepast? - Zijn er vaste ID's? Mag de eindgebruiker deze wijzigen?

Scenario'sbewerken

Situatie Advies
Productielijnen met vaste assets Productielijnen als procesfuncties, vaste assets als equipment, wisselbare delen als exchange parts
Geen vaste productielijnen Equipment of exchange parts
Vaste tagnummers maar wisselbare assets Tagnummer als procesfunctie, asset als equipment (historie via in-/uitbouw)

Belangrijke beperkingenbewerken

Gebouwstructuurbewerken

Altijd aanbevolen om in te richten voor kostenrapportage per ruimte:

Site > Complex > Gebouw > Bouwdeel > Bouwlaag > Ruimte

Gebouw, bouwdelen en bouwlagen zijn verplicht in de structuur. Als ze niet van toepassing zijn, voeg een standaard dummy-niveau toe.


Autorisatie Setupbewerken

Zie autorisatie voor uitgebreide documentatie. De kernstappen bij implementatie:

1. Definieer backofficesbewerken

Bespreek welke afdelingen Ultimo gaan gebruiken en maak een configuratiegroep per backoffice.

2. Zet de basis neerbewerken

  1. Geef je eigen groep (STDGRP) alle rechten
  2. Sluit de applicatie op application level
  3. Maak groepen per backoffice

3. Definieer autorisatiegroepenbewerken

Splits de autorisatie per afdeling/module in autorisatiegroepen: - Aut_TS_Manager - Aut_TS_ApproveJobs - Aut_TS_SelfService

4. Richt recordautorisatie inbewerken

5. Gebruikers activerenbewerken

Bepaal welke gebruikers geactiveerd moeten worden. Dit kan in batch via een workflow op basis van de laatste logindatum.

Consultanttip: Implementeer autorisatiewijzigingen eerst in een testomgeving. De klant controleert of de actieve gebruikers correct zijn ingesteld. Na goedkeuring wordt de scripting uitgevoerd. Houd rekening met de wachttijd van 10 dagen voor het deactiveren van gebruikers.


DTAP (OTAP)bewerken

Ultimo werkt met een OTAP-straat: - Ontwikkeling: configuratie en ontwikkeling - Test: functioneel testen - Acceptatie: gebruikersacceptatie - Productie: live omgeving

Configuratiewijzigingen worden via packages door de straat getransporteerd.


Bulk Adjustmentsbewerken

Bulk adjustments bieden eindgebruikers de mogelijkheid om meerdere records tegelijk aan te passen: 1. Filter records 2. Activeer bulk mode 3. Verfijn de selectie 4. Selecteer een wijzigingsactie 5. Voer de actie uit

Custom bulk actions kunnen worden aangemaakt (met goedkeuring van product management) en zijn bedoeld voor eenvoudige datamutaties.


Go-Live checklistbewerken

Bij de go-live: - Alle stamdata correct geladen - Asset tree compleet en gevalideerd door de klant - Autorisatie ingericht en getest - PO-modellen goedgekeurd - Workflows en notificaties geconfigureerd - Gebruikers geactiveerd - Training afgerond


Data Collection Sheet (DCS) — Uitgebreidbewerken

DCS-configuratie per entiteitbewerken

Het DCS-systeem ondersteunt de volgende exporttypen per entiteit:

Type Beschrijving
ExportNonEditable Records worden geexporteerd maar zijn niet bewerkbaar
ExportEditable Records worden geexporteerd en kunnen worden bewerkt
Empty Een leeg werkblad wordt voorbereid

Per property kunnen de volgende attributen worden ingesteld:

Attribuut Effect
Protected="True" Veld is beschermd in Excel
Mandatory="True" Veld is verplicht in Excel

Filtering in DCSbewerken

Sinds recent is het mogelijk om filters toe te voegen aan DCS-templates. Beschikbare filtertypen: - WhenFilter, PropertyFilter, PropertyDifferenceFilter, CombinedFilter, BetweenFilter

Beschikbare operatoren: Equals, In, Or, Like, NotEquals, And, GreaterThan, NotIn, SmallerThanOrEquals, GreaterThanOrEquals, SmallerThan

Voorbeeld DCS-template met filter en join:

<DataCollection>
  <Entity EntityName="Equipment" Context="1" InsertStatus="2" 
          Id="Equipment" Sort="Id" Type="ExportEditable" 
          ImportAction="InsertOrUpdate">
    <Properties>
      <Property Name="Id" />
      <Property Name="Description" Mandatory="True" />
      <Property Name="Site" />
    </Properties>
    <Joins>
      <Join Name="Site" EntityName="Site" Alias="site" JoinType="InnerJoin" />
    </Joins>
    <Filters>
      <CombinedFilter FilterOperator="And">
        <PropertyFilter PropertyName="Status" PropertyValue="2" Operator="Equals" />
        <PropertyFilter PropertyName="site.PartOfSite" PropertyValue="05" Operator="Equals" />
      </CombinedFilter>
    </Filters>
  </Entity>
</DataCollection>

Let op: Filter op Root.Context is niet mogelijk via filters; gebruik daarvoor het Context-attribuut op het Entity-element.

Meertalige DCSbewerken

Bij meertalige velden wordt per taal een kolom aangemaakt in Excel met de taalafkorting als suffix.

DCS Do's and Don'tsbewerken

Do: - Laat DCS altijd begeleiden door een consultant - Gebruik DCS voor nieuwe klanten of module-uitbreidingen

Don't: - Gebruik DCS niet voor bulk updates - Importeer geen records met een insert status die bedrijfslogica omzeilt (bijv. PmJobs met status 'Approved')


UDIT (Data Import Tool) — Uitgebreidbewerken

UDIT wordt ingezet bij datamigraties vanuit een bestaand systeem:

  1. Verbinding maken tussen brondatabase en Ultimo
  2. Mapping defini??ren van bron- naar doelvelden door consultant
  3. Data continu beschikbaar — klant hoeft data niet eerst te bewerken
  4. Dynamisch — direct van database naar database

Wanneer UDIT gebruikenbewerken


Bulk Adjustments — Uitgebreidbewerken

Beschikbaarheid per licentiebewerken

Licentie Standaard bulk actions Custom bulk actions
Essentials Ja Nee
Professional Ja Nee
Premium Ja Ja
Enterprise Ja Ja

Configuratiebewerken

  1. Autorisatie via AET: Zoek op 'bulk' in de AET, autoriseer de 'Bulk actions' node per groep/gebruiker
  2. Bestaande bulk actions aanpassen: Bewerk user content blocks in bulk action workflows (type: Bulk)
  3. Custom bulk actions maken (goedkeuring product management vereist):
  4. Workflow type moet Bulk zijn
  5. Verplichte properties: Domainobjects (type List[DomainObjects], Direction In) en CountOfUpdatedItems (type Int32, Direction Out)
  6. Koppel aan scherm via User Interface > Screens

Voorbeeld: Afdeling wijzigen met kostenplaats kopierenbewerken

Gebruik het User content block in de workflow 'Change department' om automatisch de kostenplaats van de afdeling over te nemen.

Bulk Actions Do's and Don'tsbewerken

Do: - Stel workflow type altijd in op 'Bulk' - Kopieer de verplichte properties vanuit een standaard bulk action workflow

Don't: - Geen user interaction in de daadwerkelijke bulk change workflows - Geen acties anders dan data-mutaties (geen rapporten genereren) - Geen complexe business logic met meerdere workflow calls


Module-specifieke inrichtingsstappenbewerken

Technical Servicebewerken

Stap Beschrijving Methode
1. Sites en afdelingen Organisatiestructuur opzetten DCS of handmatig
2. Procesfuncties Productielijnen/functionele locaties DCS
3. Equipment Individuele assets met part-of structuur DCS
4. Exchange parts Wisselbare onderdelen DCS
5. Equipment installeren Equipment in procesfuncties plaatsen Handmatig via 'Install equipment' knop
6. Jobsoorten en faalsoorten Stamdata voor werkorders MDS of handmatig
7. PO-modellen Periodiek onderhoud defini??ren DCS (import) + handmatig (goedkeuren)
8. Autorisatie Groepen en rechten per backoffice UCT
9. Gebouwstructuur Site > Complex > Gebouw > Bouwdeel > Bouwlaag > Ruimte DCS of handmatig

Medical Asset Managementbewerken

Stap Beschrijving Bijzonderheid
1. Instrumenttypes Standaard types uit MTbook/Opera Best practice import
2. Instrumenten Individuele medische apparaten DCS
3. Maintenance classifications Onderhoudsclassificaties Standaard import beschikbaar
4. HSE-suite Veiligheidsmodule Handmatig inrichten (alles verweven)

Fleet Asset Managementbewerken

Stap Beschrijving Database-structuur
1. Sites Locaties/depots Site
2. Fleet (voertuigen) Vlootnummers Process function
3. Objecten (containers, trailers) Gekoppelde assets Equipment

Infra Asset Managementbewerken

Decompositie op basis van NEN 2767-4:

Niveau Definitie Ultimo-entiteit
Onderhoudsobject Afgebakende eenheid (brug, viaduct) Object
Element Identificeerbaar deel (constructie, installatie) Element
Bouwdeel Onafhankelijk deel van element Building part

Gebruikerstypesbewerken

Overzichtbewerken

Type Functionaliteit Licentie
Self-service Meldingen, voortgang volgen, foto's toevoegen Apart in licentie
Light Self-service + autonomous maintenance, downtime, shift handover, LOTO, MoC Optionele module
Technician Light + jobstatus wijzigen, uren/materiaal registreren, inspecties, picklist Optionele module
Full Alle functionaliteit Standaard

Activering en deactiveringbewerken

Batchactiveringbewerken

Gebruik de workflow in de Workflow Scheduler om gebruikers in batch te activeren, gesorteerd op laatste logindatum en User Id. Specificeer aantallen backoffice-gebruikers en self-service-gebruikers apart.


Record Autorisatiebewerken

Record autorisatie bepaalt welke records een gebruiker mag zien op basis van gerelateerde data (vestiging, afdeling, vakgroep, kostenplaats).

Standaard master tables voor record autorisatiebewerken

Instellingen per tabelbewerken

Instelling Beschrijving
Show dialogue Bij meerdere records: selectiedialoog na inloggen
Select all records Gebruiker kan uit alle records kiezen
Take over related Kinderen in part-of structuur automatisch zichtbaar
Take over parent Ouder in part-of structuur automatisch zichtbaar
Force authorisation Record autorisatie verplicht bij inloggen

Custom record autorisatie tabel toevoegenbewerken

  1. UCT > Database > Database objects
  2. Open tabel SGROUPRECORDAUTHORIZATION
  3. Voeg foreign key toe naar gewenste tabel (bijv. Vendor)
  4. Herhaal voor SUSERRECORDAUTHORIZATION
  5. Database reviseren in maintenance mode

Troubleshootingbewerken

Probleem Oplossing
Record is niet zichtbaar Log in zonder record autorisatie om het record te vinden
Tabel uitgesloten maar record niet zichtbaar Record kan andere context hebben dan uitgesloten
Key user maakt record maar anderen zien het niet Aangemaakt zonder record autorisatie, geen vestiging gekoppeld

Contract Managementbewerken

Contracten bevatten condities, leveranciers, kosten, opzegtermijnen en status. Koppelbaar aan:

Gekoppeld aan Inzicht
Equipment Welke assets onder het contract vallen
Periodiek onderhoud Opvolging contractuele afspraken
Jobs Activiteiten gedekt door contract
Inkomende facturen Kosten voortvloeiend uit contract

Automatische notificatiesbewerken

Workflow Beschrijving Ontvanger
Standard_ServiceContract_OnExpirationMailToOwner 30 dagen voor opzegtermijn Contract owner
Standard_ServiceContract_OnExpirationReminder 7 dagen voor opzegtermijn Contract owner

Let op: Eigenaar (owner) is de ondertekenaar; beheerder (manager) beheert de condities. Mails gaan naar de owner.


Asset Criticality Assessment — Implementatiebewerken

Methodenbewerken

Methode Beschrijving
U00 - Fixed probability Probability (MTBF) vastgezet voor alle aspecten
U01 - Probability per aspect MTBF per aspect apart
U02 - Fixed probability + duration MTBF + MTTR vastgezet
U03 - Per aspect + duration MTBF + MTTR per aspect apart

Stappen voor implementatiebewerken

  1. Stel master data in: Aspects (Safety, Production, Environment), Durations, Probabilities, Criticalities
  2. Kies methode (advies: U00 voor pragmatisch, U02 als duration relevant is)
  3. Maak analysis types aan (per site of backoffice)
  4. Definieer criticalities met scores en maintenance strategies
  5. Autoriseer via AET-element 25710f21-f166-47af-9d4b-2d80994145df

Implementation Resourcesbewerken

Workshop Templatesbewerken

Ultimo biedt standaard workshop templates voor: - Fleet — vlootbeheer inrichting - HSE — veiligheid en gezondheid - Healthcare — medische technologie - Manufacturing — productie/technische dienst

DTAP (OTAP) — Uitgebreidbewerken

Omgeving Doel Wie
Development Configuratie en ontwikkeling Consultant
Test Functioneel testen Consultant + applicatiebeheerder
Acceptatie Gebruikersacceptatie Eindgebruikers
Productie Live omgeving Alle gebruikers

Configuratiewijzigingen worden via packages door de straat getransporteerd. Gebruik de Package Manager in de UCT.

Go-Live Checklist (uitgebreid)bewerken

Hoe te testenbewerken

  1. Maak testcases per module/functionaliteit
  2. Test met juiste autorisatiegroep (niet als admin)
  3. Test in de correcte context (TD vs Incident vs Selfservice)
  4. Controleer workflows en notificaties end-to-end
  5. Valideer data-imports in testomgeving voor productie

Gerelateerde onderwerpenbewerken